De Openbare Bibliotheek Brugge en het Centrum voor Gezellestudie, een onderdeel van het Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Nederlanden (ISLN), dienden eind 1999 bij het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (F.W.O.) van de Vlaamse Gemeenschap een voorstel in dat door het Max-Wildiersfonds in aanmerking kwam voor een vierjarige subsidiëring. Het project wil de literaire nalatenschap van de dichter Guido Gezelle die bewaard wordt in het Gezellearchief van de Openbare Bibliotheek Brugge op een wetenschappelijk verantwoorde manier ontsluiten en via een website ter beschikking stellen van zowel het gespecialiseerde als het brede publiek. Bovendien wordt een belangrijke inspanning geleverd om de documenten zelf op een goede manier op te bergen en te bewaren en indien nodig te restaureren.

 

Voorgeschiedenis


De openbare bibliotheek was in de aanloop van het Gezellejaar een inventariseringsproject gestart met behulp van het archiveringssysteem AskSam. Voordien was het Gezellearchief erg ongelijk ontsloten. Een groot gedeelte van de brieven kon men op briefschrijver terug vinden via een steekkaarten­catalogus opgesteld door Christine D’haen. Vragen aangaande het oeuvre van Gezelle en de documentaire verzamelingen werden beantwoord op basis van de ordening, persoonlijke kennis van het archief of door verwijzingen in tekstedities en secundaire literatuur. Meestal werden de documenten in archiefdozen of mappen ter beschikking gesteld. Het inventariseringsproject ontsluit de archiefmaterialen beter voor het publiek. Elk stuk wordt individueel beschreven en genummerd om een beter beheer van en een grotere controle over de materialen mogelijk te maken.


Ook bij het Centrum voor Gezellestudie liep reeds sinds het begin van de jaren ’90 een editieproject van de briefwisseling van Gezelle. In een eerste fase werd een elektronisch repertorium aangelegd van de correspondentie die hoofdzakelijk aanwezig was in het Gezellearchief. Waar mogelijk worden brieven gereconstrueerd op basis van over het archief verspreide brieffragmenten. Parallel daarmee wordt per correspondent gewerkt aan een transcriptie van de briefwisseling.